80. Afkortingen
De meeste afkortingen schrijf je met kleine letters en zonder punten. In een klein aantal categorieën verschijnen er toch punten of hoofdletters.
horeca, mbo, tv, VRT, z.o.z.
a. Als gewone woorden
Sommige afkortingen worden inmiddels als gewone woorden gebruikt en behandeld. Dat zijn verkortingen van langere woorden (airco, info, para) en afkortingen die klinken als een gewoon woord (horeca, nimby, ufo, vip). Je schrijft ze net als normale woorden met kleine letters en zonder punten. Ze volgens bovendien de gewone spellingregels, bijvoorbeeld de regels voor samenstellingen (infobalie, horeca-industrie, remslaap, viproom, enz.); zie hoofdstuk VIII (aaneenschrijven) en hoofdstuk IX (streepjes).
b. Standaardafkortingen
Een afkorting die je letter voor letter uitspreekt, krijgt doorgaans geen punten en geen hoofdletters: bh, btw, cd, cfk, dvd, hdtv, ov, pc, tv, wc.
Sommige letter-voor-letterwoorden hebben (ook) alternatieve schrijfwijzen: bh - beha, dj - deejay, tv - teevee.
c. Afkortingen met punten
Als je een afkorting niet letter voor letter uitspreekt, komt er een punt (of komen er punten): m.a.w. (uitgesproken als 'met andere woorden'), ca. (uitgesproken als 'circa').
Andere bekende voorbeelden zijn: bijv. en bv. (bijvoorbeeld), drs. (doctorandus), jl. (jongstleden), hr. (heer), i.v.m. (in verband met), mevr./mw. (mevrouw), mr. (meester), z.g.a.n. (zo goed als nieuw). In sommige gevallen komen hoofdletters voor: v.Chr. (voor Christus), Z.K.H. (Zijne Koninklijke Hoogheid).
Meestal gebruik je per afgekort woord één punt. Uitzonderingen zijn a.s. (aanstaande), a.u.b. (alstublieft), dhr. (de heer), w.o. (waaronder), z.o.z. (zie ommezijde).
d. Afkortingen met hoofdletters
Afgekorte eigennamen krijgen meestal hoofdletters en geen punten. De naamgever bepaalt de schrijfwijze. Het gaat onder meer om namen van bedrijven en instellingen: EU, GS, MTV, VRT, VUB. Voorbeelden van afwijkende schrijfwijzen zijn AutoRAI, NOC*NSF, SP.A en UvA.
Bij vier of meer letters komt er meestal alleen een beginhoofdletter: Hema, de Benelux, Unicef. Dit geldt alleen voor afkortingen die je als woord uitspreekt, niet voor letter voor letter uitgesproken afkortingen als CNWS en FBTO.
Afkortingen van wetten krijgen over het algemeen hoofdletters: WOB (Wet openbaarheid van bestuur). Bij langere afkortingen van wetten die je als een woord uitspreekt, is meestal alleen de eerste letter een hoofdletter: Wajong. (Zie verder regel 45b.)
Veel afkortingen kun je ook in het meervoud gebruiken. Ze krijgen meestal 's, behalve als ze zelf op een -s eindigen: cfk's, tv's, abs'en.
Afkortingen kunnen, net als gewone woorden, ook binnen andere woorden voorkomen. Zie regel 29 voor afleidingen (dvd’tje, ge-sms’t, VVD’er) en regel 65 voor samenstellingen (hbo-opleiding, sms-bericht).
Bijzonderheden
Kleine letters verwarrend
Bij sommige letter-voor-letterwoorden zou een spelling met kleine letters en zonder punten verwarrend zijn, omdat de afkortingen dan niet als afkorting herkenbaar zijn: it, pa. Daarom worden ter onderscheiding soms hoofdletters of punten gebruikt: IT (informatietechnologie), MUG (medische urgentiegroep), OK (operatiekamer), p.a. (pedagogische academie), EK (Europees kampioenschap).
Anderstalig
Veelvoorkomende anderstalige letter-voor-letterwoorden, vooral Engelse, krijgen kleine letters: cd, dvd, pc, sms, enz. Zit er een klinker in of zijn de afkortingen nog niet zo lang in gebruik, dan hebben ze in de praktijk vaak hoofdletters: ADSL, CEO, ISBN, SMTP, SUV.
Ziektenamen
Afgekorte ziektenamen krijgen meestal hoofdletters: BSE, ME, MKZ. De belangrijkste uitzonderingen zijn aids, soa (seksueel overdraagbare aandoening) en tb/tbc.
Bedrijfsvormen
Afkortingen van bedrijfsvormen krijgen bij zelfstandig gebruik kleine letters zonder punten (een bv, de nv, een vof, enz.), maar ze kunnen in bedrijfsnamen in allerlei vormen voorkomen: b.v., NV, enz. Volg de schrijfwijze die het bedrijf zelf hanteert en schrijf bij twijfel B.V. of N.V.: Philips N.V.
Academische titels en graden
De titels die tot 2002 behaald konden worden na het afronden van een studie, krijgen een kleine letter en een punt: drs., ing., mr., enz. In de titulatuur van masters en bachelors staan geen punten maar wel een of twee hoofdletters: BA (bachelor of arts), BEng (bachelor of engineering), MSc (master of science). De titels LLB (bachelor rechten) en LLM (master rechten) krijgen drie hoofdletters.
Schuine streep
Heel soms komt in afkortingen een schuine streep voor: i/o (in opdracht), m/s (meter per seconde), p/a (per adres), t/m (tot en met), t/o (tegenover). Vaak hebben deze afkortingen ook een variant met punten: i.o., p.a., t.e.m., t.o.
Restgevallen
Veel afkortingen onttrekken zich aan enige regelmaat. Ze zijn in een bepaalde vorm in gebruik gekomen en ingeburgerd. Dat geldt onder meer voor B en W (burgemeester en wethouders), EHBO en voor de Latijnse afkortingen A.D., L.S., NB en PS.
Alternatief -- niet officieel, wel gangbaar
De schrijfwijze van afkortingen is van oudsher enigszins veranderlijk. Zo krijgen veel afkortingen die eerst hoofdletters hebben en vervolgens ingeburgerd raken, na verloop van tijd vaak kleine letters, bijvoorbeeld ceo, dna en faq. In deze spellinglijst zijn in deze gevallen vaak varianten opgenomen. Ook de officiële spelling staat variatie toe (daarvan wordt expliciet melding gemaakt in de regels), maar geeft daar geen voorbeelden van in de officiële woordenlijst.